Spoorbrug / Munitietrein / Inundatie

Spoorbrug

De spoorbrug, gebouwd in 1879 met meerdere bogen en een extra pijler in de rivier, is aan het begin van de tweede wereldoorlog (op 10 mei 1940 om 05.15 uur) door de Nederlandse genie opgeblazen. Kort daarna brachten de Duitsers een noodbrug uit Zaltbommel aan, die op 17 november 1940 in gebruik werd genomen. Omdat deze maar uit één baan bestond verrezen aan beide kanten van de brug seinhokjes van waaruit het treinverkeer werd geregeld. 

153549

Gezicht op de spoorbrug in 1941 over de Rijn bij Oosterbeek vanaf het zuidelijke landhoofd.

Foto: NS 3032

In de aanloop naar het einde van de oorlog, met name in de septemberdagen van 1944, is in de noordelijke en zuidelijke polder zwaar slag geleverd tussen Duitse en geallieerde Britse en Poolse soldaten. Rond de brug zijn door vliegtuigen langdurig beschietingen en bombardementen uitgevoerd. In de polder zijn zowel van Duitse als van geallieerde zijde veel soldaten omgekomen. Dramatische hoogtepunten voor de geallieerden is het nogmaals opblazen van de spoorbrug door de Duitsers in de middag van 17 september 1944.

158058

Gezicht op de tijdens de oorlog vernielde spoorbrug over de Rijn bij Oosterbeek met op de voorgrond een Duitse tank van de luchtafweer.              Foto: J.H. Martelhoff, 1945/1946

Omdat de spoorbrug een belangrijke schakel vormde voor noodzakelijke transporten is na de oorlog met materiaal van de Waterloobridge in Londen een noodbrug gebouwd. Daarover was in november 1945 al weer treinverkeer mogelijk. In 1952 werd die vervangen door de definitieve brug zoals deze er nu nog staat.



Munitietrein

Aanslag op munitietrein op het spoor Elst - Arnhem

157716

Kort voor de luchtlanding in september 1944 moest iedereen het gebied verlaten. Halsoverkop en met alleen de kleren die ze droegen. Het vee bleef zonder verzorging achter. Op het spoor vlakbij de spoorwegovergang (nu het tunneltje) aan de Laarweg/straat stond een Duitse trein vol vliegtuigbommen. Voor de veiligheid was die het centrum van Elst uitgereden, naar een plek waar bijna niemand woonde. Daar is hij op 25 september 1944 door de geallieerden gebombardeerd. De knal was in de wijde omtrek te horen en te voelen. Zelfs dorpen verder was er geen ruit meer heel.




Gezicht op de bij een bombardement van een munitietrein vernielde spoorbaan tussen Elst en Arnhem (500 meter ten noorden van de spoorwegovergang in de Laarstraat), uit het noorden. Op de voorgrond de resten van een goederenwagon.  Foto J.H. Martelhoff 1945/1946

157717 wachtpost 3 Laarstraat

Toen de bewoners een tijd later het gebied weer in mochten, bleek er bitter weinig over te zijn van hun boerderijen. In een fruitboomgaard stond nog maar een van de vele bomen overeind. Ook waren bijna alle koeien en schapen dood. Alleen drie paarden bleken het overleefd te hebben. Ze waren na de ontploffing gevlucht door een gat in de spoordijk. Ze leken spoorloos. Pas maanden later kreeg de eigenaar ze weer in zijn bezit.
Tekst Gespiegeld in de Rijn, Anna Bouyeure

Gezicht op de vernielde wachtpost 3 aan de spoorwegovergang aan de Laarstraat tussen Elst en Arnhem. 

Foto J.H. Martelhoff, 1945/1946                      


Inundatie

In november 1944 is Operatie Market Garden, de strijd om de belangrijkste bruggen in Brabant en Gelderland ten einde. De Betuwe vormt nu de grenstussen het bevrijde Zuiden en het bezette Noorden. De oorlog is nog niet voorbij en bovendien gonst het in die periode van de geruchten dat de Duisters de Betuwe onder water willen zetten. Het water in de Rijn stijgt en de Duitsers moeten iets doen. De soldaten zijn hard nodig in de Ardennen waar hevig gevochten wordt maar het Betuwefront is voor de Duitsers ook van groot belang. Daarmee houden ze nog enigszins de deur naar hun vaderland gesloten. 

287b49424ed91ce36e8b74be8e7e758e647504c920b61432d13c9a7a4e56dfe3

De Betuwe is al voor een groot gedeelte geevacueerd omdat het er te gevaarlijk is. Halverwege november wordt ook de laatste burgers verzocht hun huis te verlaten. Geen overbodige luxe want inderdaad in de nacht van 2 op 3 december 1944 vliegt de Rijndijk bij Elden de lucht in, zo’n 500 meter van de spoorbrug. Met een enorme kracht stroomt het Rijnwater door een gat in dijk dat wel 100 meter breed is de Betuwe in (Operatie Storch). Binnen een week staat de volledige Betuwe onder water. 

Het gebied zou het strijdtoneel worden van een ware zeeslag tussen de Duiters en de Geallieerden, wat de nodige verliezen aan beide zijden kostte. Overal lagen op de bovenverdiepingen van boerderijen en huizen groepjes soldaten. Maar vooral werd de strijd geleverd vanuit kleine bootjes.  

inundatie

Bevrijding

Midden april 1945 (Operatie Destroyer) wordt de Betuwe dan eindelijk bevrijd. Geevacueerden kunnen niet wachten om terug te gaan naar hun geliefde Betuwe. Maar dat was nog niet zo eenvoudig. De Betuwe was namelijk door alle oorlogsrestanten levensgevaarlijk. Wilde de terugkeer niet tot vreselijke ongelukken leiden dan moest er toch eerst opgeruimd worden. De mensen moesten dus geduld hebben. Maar toen ze terugkwamen troffen ze een chaos aan. Hier heerste de dood. Geen levend mens, dier of vogel in de lucht, maar wel dode soldaten overal. Dit waren vooral Duitse soldaten, ze werden meegevoerd door de sterke stroom met de overstromimg. Ze waren op de spoorlijn blijven steken en lagen nog net zo als toen ze vanuit het weiland waren aangespoeld. Hoe zouden ze ooit weer bewoonbare huizen kunnen maken van de puinhopen die ze aantroffen. De Betuwenaren begonnen onmiddellijk met het herstel van hun huizen. Geholpen door allerlei hulpacties en onder barre omstandigheden wordt keihard gewerkt om de Betuwe weer op te bouwen zodat het normale leven langzaam weer op gang komt.


§§ © Harry Schoel sr. 2011